Suikerspin

Erik Vlaminck (auteur)
Kroniek van vier generaties van Vlaamse kermisuitbaters.
Sujet supplémentaire
Kermisartiesten, Vlaanderen, 20ste eeuw
Titre
Suikerspin
Auteur
Erik Vlaminck
Langue
Néerlandais
Éditeur
Amsterdam: Wereldbibliotheek, 2013
286 p.
ISBN
9789028425255 (hardback)

Plusieurs formats:

Commentaires

De fenomenenbarak van een forain

Het leven van een kermisklant gaat niet altijd over rozen: in Suikerspin fulmineert een foorkramer over de teloorgang van de kermis en de hele wereld.
'Wijven zijn crapuleuze serpenten.' Zo begint Arthur van Hooylandt, kermisnijveraar of forain, zijn eerste van vele verbitterde monologen in Suikerspin, de nieuwe roman van Erik Vlaminck. Van Hooylandt, eigenaar van een kindermolen, fulmineert tegen alles en iedereen, tegen de vrouwen die hem danig ontgoocheld hebben, tegen zijn zoon Tony die voor het onderwijs koos en de kermiszaak die verschillende generaties in de familie is geweest niet verder wil zetten, tegen de moderne tijd waarin foorkramers amper nog geld kunnen verdienen, tegen de 'rotbedorven kleine mannen' die niet meer tevreden zijn met een floche, tegen de moeders die geen moeders meer zijn, tegen de groenen en tegen Europa. Zijn conclusie: 'De wereld gaat met grote stappen achteruit en de kermis gaat met grote stappen achteruit.' Daarna mag Tony zijn vader van weerwoord dienen. Hij is bang dat zijn vader langzaam gek aan het worden is. Onlangs zijn alle attributen van de kindermolen gestolen. Alleen de houten Popeye heb…Lire la suite

Kermissen zullen nooit verdwijnen

'Suikerspin' - het zoete symbool van de Vlaamse kermis - is de titel van de nieuwe roman van Erik Vlaminck, waarin hij enkele generaties foorkramers volgt. Het eerste hoogtepunt van het literaire najaar.
Erik Vlaminck gooide hoge ogen met een zesdelige romanreeks waarin hij teruggrijpt naar zijn eigen familiegeschiedenis. Suikerspin is niet autobiografisch, hoewel er een schrijver opduikt die het verhaal van een familie van foorkramers wil optekenen.

Vlaminck laat Arthur van Hooylandt aan het woord, telg uit een geslacht van 'forains'. In het sappigste Vlaams vertelt hij over zijn leven en hoe dat leven hem regelmatig een hak heeft gezet. In beeld komt ook zijn voorvader Jean-Baptist, die aan het begin van de vorige eeuw een kraam met 'fenomenen' uitbaatte: een vrouw met baard, de kleinste man ter wereld, en als triest hoogtepunt, de Siamese tweeling Anastasie en Joséphine.

'Ik heb altijd een fascinatie gehad voor de kermis', zegt Erik Vlaminck. 'Dat decor van de foor wilde ik altijd al gebruiken voor een boek. In mijn geboortedorp Kapellen stond de kermis recht voor onze deur. De foorkramers kwamen bij ons naar het toilet omdat zij in hun woonwagens nog geen wc hadden.'

Lire la suite

Vlaamse kermis

Erik Vlaminck trekt in zijn nieuwste roman Suikerspin alle registers open om het wel en wee van vier generaties foorkramers, met hun freakshows en paardenmolens, plastisch in beeld te brengen.

'Een mens zit vastgeklonken aan zijn lot gelijk een kanarievogel gekloot is in zijn kot.' Erik Vlaminck maakt in Suikerspin , zijn nieuwe grote familieroman over een eeuw kermisgeschiedenis, weer dankbaar gebruik van de Vlaamse volkswijsheid. Zoals in zijn zesdelige romancyclus over zijn familie van vaders- en moederszijde, brengt hij ook in dit kermisepos 100 jaar foorgeschiedenis op een onnavolgbare manier tot leven. Vlaminck is een meester in de montage. Hij laat zijn hoofdpersonages zo kleurrijk en direct mogelijk aan het woord ('Alle dagen zat is ook een geregeld leven') en last ondertussen als een neutrale kroniekschrijver heel droogjes alle mogelijke feiten en feitjes in, van geboorteoorkondes tot een heus wetsvoorstel uit 1909 om levende rariteitenkabinetten af te schaffen. Op die manier krijgt de lezer zowel van binnenuit als van buitenaf een kijk op de maatschappelijke werkelijkheid voorgeschoteld en komt de geschiedenis pas echt tot leven.

Rode dra…Lire la suite

Deze roman brengt de lezer in de schilderachtige en desolate wereld van de Vlaamse kermis. Van vier generaties ‘forains’ worden de wederwaardigheden op de kermis verteld. Schijnbaar verbrokkeld, in alternerende hoofdstukken, gestructureerd door een machtig dwingende schrijvershand -de auteur (1954) treedt zelfs handelend in het boek naar voren wanneer hij zich documenteert bij de latere generaties- wordt het leven van de familie Van Hooylandt neergezet. Het gruwelijke en meedogenloze lot van een van de tentoongestelde fenomenen aan het begin van de 20e eeuw -een Siamese tweeling van wie de ene een aanhangsel is van haar zus; mensonterend uitgebuit- wordt stap voor stap onthuld. Aan het einde van de roman wordt een schokkende onthulling gedaan, die terugslaat op de hele roman. De couleur locale, het rijke Vlaams -met name in de mopperend verongelijkte hoofdstukken ‘Arthur Van Hooylandt spreekt’- de structurering van de diverse tijdlagen en de onalledaagse wereld die opgeroepen wordt, m…Lire la suite